Berner sennenhond

Berner sennenhond
De Berner sennenhond van nu is een ziekelijke hond met een groot aantal erfelijke aandoeningen en een zeer korte levensverwachting.

Berner sennenhonden lijden aan vreselijke erfelijke ziektes. Kanker komt vaak voor, in allerlei vormen. Verder lijden ze vaak levenslang pijn door gewrichtsaandoeningen en lopen ze grote kans op een levensbedreigende maagkanteling. Bovendien hebben ze het in de zomer vaak veel te warm door hun enorm dikke vacht.

Verhoogde kans op kanker

Veel Berner sennenhonden krijgen kanker, zelfs al op jonge leeftijd. Het gaat vaak om kwaadaardige tumoren die uitzaaien zoals maligne histiocytose of mastocytomen. Als de kanker is uitgezaaid, dan is de afloop meestal fataal.

Heupdysplasie, elleboogdysplasie en patella luxatie

Grote rassen hebben sneller last van deze gewrichtsaandoeningen, zo ook de Berner sennenhond. De hond heeft vaak dure operaties nodig. Desondanks slijten de gewrichten nog steeds erg snel waardoor het dier levenslang pijnstillers nodig heeft om het leven draaglijk te houden.

Gevaar voor maagkanteling

Net als bij Duitse herders komt maagkanteling veel voor bij Berner sennenhonden. De maag zwelt op en draait, de hond wordt sloom en braakt zonder dat er iets wordt uitgespuugd. De ingang en de uitgang van de maag zijn dan afgesloten. Als er niet snel wordt ingegrepen door een dierenarts, sterft de hond binnen enkele uren.

De meeste Berner sennenhonden worden door de vele erfelijke ziektes niet ouder dan zes jaar.

Geschiedenis

De van oorsprong Zwitserse Berner sennenhond stamt waarschijnlijk af van honden die met de Romeinen mee over de Alpen kwamen om de wacht te houden en het vee te drijven. Het waren zwarte, dogachtige honden, die zich mengden met de plaatselijke herdershonden. Er kwamen verschillende typen boerenhonden uit voort – grotere en kleinere, meer en minder dogachtig – die vrij veel overeenkomsten vertoonden. Ze werden Dürrbächlers genoemd, naar het dorpje Dürrbach in het kanton Bern. Eeuwenlang werden ze gehouden door boeren en herders. De selectie was streng: niet op uiterlijk, maar op werk en karakter. Een hond die niet voldeed, werd weggedaan of opgegeten. Men kon het zich niet permitteren zo’n hond te voeden.

De Dürrbächlers waren krachtige trekhonden, die huis en erf bewaakten, goed met vee werkten en geen jachtinstinct hadden. Dat alles maakte hen zeer gewild – ook in de stad Bern, waar veel behoefte was aan trekhonden. In de loop der tijd kwamen er echter andere rassen in de mode als werkhond, en in de tweede helft van de negentiende eeuw was de Dürrbächler bijna uitgestorven.

Franz Schertenleib uit het Zwitserse Burgdorf ging in 1892 op zoek naar de laatste exemplaren, en is daarmee gaan fokken. In 1902 werd de Dürrbächler voor het eerst tentoongesteld als apart ras. In 1907 werd de Schweizerische Dürrbachklub opgericht. In 1908 werd de naam ‘Dürrbächler’ veranderd in ‘Berner Sennenhund’ (Sennen zijn Alpenherders). In 1910 was er een speciale show voor Berner sennenhonden in Burgdorf. Er werden 107 Berners geshowd; 75 procent daarvan werd goedgekeurd als fokdier.

Tot zijn dood in 1933 hield Franz Schertenleib zich bezig met het fokken van deze honden. Zijn inspanningen hebben helaas niet kunnen voorkomen dat de Berner sennenhond van nu een ziekelijke hond is met een groot aantal erfelijke aandoeningen en een zeer korte levensverwachting.

Aantal bij dit ras bekende erfelijke aandoeningen
28
Risico

Zeer hoog risico op erfelijke aandoeningen
Aandoeningen Minpunten Risico
Aortastenose (vernauwing van de hoofdslagader) 0.0
Aseptische meningitis (hersenvliesontsteking) 2.0
Cerebellaire ataxie (dronkemansgang door aandoening kleine hersenen) 0.0
Chronische nieraandoening (langdurig nierfalen) 2.5
Colour dilution alopecia (kaalheid met verkleuring) 0.0
Degeneratieve myelopathie (aantasting ruggenmerg) 9.0
Dystocia (moeilijke geboorte) 6.0
Elleboogdysplasie - grote hond (aandoening elleboog) 10.5
Entropion (naar binnen krullende oogleden) 2.5
Epilepsie 2.0
Familiaire nieraandoening (vroeg verslechterende nieren) (HN Hereditery Nephritis) 0.0
Hernia nuclei pulposi (uitpuiling tussenwervelschijf) 0.0
Heupdysplasie - grote hond (ontwikkelingsstoornis heup) 9.0
Histiocytair sarcoom (kanker van specifieke afweercellen, maligne histiocytose) 5.0
Histiocytoom (goedaardige kanker op hoofd, oren en/of ledematen) 1.5
Lymfoom (lymfeklierkanker) 2.5
Maag-dilatatie-volvulus (maagdraaiing) 0.0
Mastceltumor (mastocytoom, kanker van specifieke afweercellen) 2.5
Osteochondritis dissecans (OCD) (aandoening van het gewrichtskraakbeen) 7.5
Osteosarcoom (botkanker) 8.0
Patella luxatie (losse knieschijf) 2.0
Portosystemische shunt (levershunt) (afwijking bloedstroom lever) 4.0
Progressieve retina atrofie (PRA) (voortschrijdende verslechtering netvlies) 4.0
Pyometra (baarmoederontsteking) 1.0
Retinadysplasie (abnormale ontwikkeling netvlies) 0.0
Shaking puppy syndroom 0.0
Von Willebrands ziekte (bloedstollingsziekte) 0.0
Voorste-kruisbandlaesie ('voetbalknie') 2.5

In de (vak)literatuur worden nog meer erfelijke aandoeningen genoemd. Vaak bestaat hiervoor weinig bewijs of komt de aandoening in Nederland zelden voor, dan wel is het ongerief nihil. Deze aandoeningen worden hier voor de volledigheid wel getoond, maar krijgen een score nul.

Aortastenose (vernauwing van de hoofdslagader) (1) CIDD
Aseptische meningitis (hersenvliesontsteking) (3) CIDD
LICG, 2016
GI
Cerebellaire ataxie (dronkemansgang door aandoening kleine hersenen) (1) CIDD
Chronische nieraandoening (langdurig nierfalen) (2) BMDCGB, health survey, 2016
Onze Hond. Berner sennenhond. 2022.
Colour dilution alopecia (kaalheid met verkleuring) (2) CIDD
Peelman LJ, 2009
Degeneratieve myelopathie (aantasting ruggenmerg) (3) BroeckxBJG
LICG, 2016
Orthopedic Foundation for Animals, 2011, DM
Dystocia (moeilijke geboorte) (1) Evans KM et al., 2010
Elleboogdysplasie - grote hond (aandoening elleboog) (8) " title="Gatignon J.,2010">Gatignon J.,2010
Baller L et al., 2012
Coopman F et al., 2014
Professionals Fokkerij, 2011
LICG, 2016
Orthopedic Foundation for Animals, 2014, ED
SkogmoHK
GI
Entropion (naar binnen krullende oogleden) (3) CIDD
LICG, 2016
GI
Epilepsie (5) CIDD
LICG, 2016
MCD Amsterdam, 2015, Epilepsie
IDID
GI
Familiaire nieraandoening (vroeg verslechterende nieren) (HN Hereditery Nephritis) (1) CIDD
Hernia nuclei pulposi (uitpuiling tussenwervelschijf) (1) GI
Heupdysplasie - grote hond (ontwikkelingsstoornis heup) (10) Boer
Coopman F et al., 2014
CIDD
Professionals Fokkerij, 2011
BP
LICG, 2016
Ohlerth et al, 2019, CHD
Orthopedic Foundation for Animals, 2014, HD
IDID
GI
Histiocytair sarcoom (kanker van specifieke afweercellen, maligne histiocytose) (9) Abadie J et al., 2009
CIDD
LICG, 2016
Nielsen
Onze Hond. Berner sennenhond. 2022.
Padgett G. A.
Peelman LJ, 2009
UU
GI
Histiocytoom (goedaardige kanker op hoofd, oren en/of ledematen) (2) Nielsen
IDID
Lymfoom (lymfeklierkanker) (2) Comazzi et al, lymphoma, 2018
Klopfenstein et al, BMD, 2016
Maag-dilatatie-volvulus (maagdraaiing) (4) Bell JS, 2014
BMDCGB, health survey, 2016
Evans KM et al., 2010
GI
Mastceltumor (mastocytoom, kanker van specifieke afweercellen) (1) LICG, 2016
Osteochondritis dissecans (OCD) (aandoening van het gewrichtskraakbeen) (1) Ohlerth et al, 2016, OD
Osteosarcoom (botkanker) (1) Klopfenstein et al, BMD, 2016
Patella luxatie (losse knieschijf) (1) Orthopedic Foundation for Animals, 2013, PL
Portosystemische shunt (levershunt) (afwijking bloedstroom lever) (1) Kummeling, 2019, PSS
Progressieve retina atrofie (PRA) (voortschrijdende verslechtering netvlies) (2) CIDD
LICG, 2016
Pyometra (baarmoederontsteking) (2) Jitpean S et al., 2012
LICG, 2016
Retinadysplasie (abnormale ontwikkeling netvlies) (2) Chaudieu
IDID
Shaking puppy syndroom (1) CIDD
Von Willebrands ziekte (bloedstollingsziekte) (1) Peelman LJ, 2009
Voorste-kruisbandlaesie ('voetbalknie') (2) LICG, 2016
Post CJ, 2005
Deel deze pagina