Berner sennenhond

Berner sennenhond

Het gezonde, speelse uiterlijk van de Berner sennenhond is helaas misleidend. Bij dit ras ontwikkelen zich zeer vaak tumoren (kanker), zelfs al op jonge leeftijd. Ook komen elleboogdysplasie en heupdysplasie, beide pijnlijke gewrichtsaandoeningen, zeer veel voor. Pijnstillende behandelingen en hersteloperaties zijn kostbaar, ook omdat het een grote hond betreft. Het risico op aandoeningen van het zenuwstelsel (degeneratieve myelopathie en epilepsie) en oogaandoeningen is bij dit ras veel groter dan bij andere rassen. De aandoeningen manifesteren zich vaak al op jonge leeftijd. De meeste Berner sennenhonden worden niet ouder dan zes jaar.

Geschiedenis

De van oorsprong Zwitserse Berner sennenhond stamt waarschijnlijk af van honden die met de Romeinen mee over de Alpen kwamen om de wacht te houden en het vee te drijven. Het waren zwarte, dogachtige honden, die zich mengden met de plaatselijke herdershonden. Er kwamen verschillende typen boerenhonden uit voort – grotere en kleinere, meer en minder dogachtig – die vrij veel overeenkomsten hadden. Ze werden Dürrbächlers genoemd, naar het dorpje Dürrbach in het kanton Bern. Eeuwenlang werden ze gehouden door boeren en herders. De selectie was streng: niet op uiterlijk, maar op werk en karakter. Een hond die niet voldeed, werd weggedaan of opgegeten. Men kon het zich niet permitteren zo’n hond te voeden.

De Dürrbächlers waren krachtige trekhonden, die huis en erf bewaakten, goed met vee werkten en geen jachtinstinct hadden. Dat alles maakte hen zeer gewild – ook in de stad Bern, waar veel behoefte was aan trekhonden. In de loop der tijd kwamen er echter andere rassen in de mode als werkhond, en in de tweede helft van de negentiende eeuw was de Dürrbächler bijna uitgestorven.

Franz Schertenleib uit het Zwitserse Burgdorf ging in 1892 op zoek naar de laatste exemplaren, en is daarmee gaan fokken. Zonder hem was het ras er waarschijnlijk nu niet geweest. In 1902 werd de Dürrbächler voor het eerst tentoongesteld als apart ras. In 1907 werd de Schweizerische Dürrbachklub opgericht. In 1908 werd de naam ‘Dürrbächler’ veranderd in ‘Berner Sennenhund’ (Sennen zijn Alpenherders). In 1910 was er een speciale show voor Berner sennenhonden in Burgdorf. Er werden 107 Berners geshowd; 75 procent daarvan werd goedgekeurd als fokdier.

Tot zijn dood in 1933 hield Franz Schertenleib zich bezig met het fokken van deze honden. Zijn inspanningen hebben helaas niet kunnen voorkomen dat de Berner sennenhond van nu een ziekelijke hond is met een groot aantal erfelijke aandoeningen en een zeer korte levensverwachting.

Aantal bij dit ras bekende erfelijke aandoeningen
23
Risico

Zeer hoog risico op erfelijke aandoeningen

In de (vak)literatuur worden nog meer erfelijke aandoeningen genoemd. Vaak bestaat hiervoor weinig bewijs of komt de aandoening in Nederland zelden voor, dan wel is het ongerief nihil. Deze aandoeningen worden hier voor de volledigheid wel getoond, maar krijgen een score nul.

Aortastenose (vernauwing van de hoofdslagader) (1) CIDD
Aseptische meningitis (hersenvliesontsteking) (3) CIDD
GI
LICG, 2016
Cerebellaire ataxie (dronkemansgang door aandoening kleine hersenen) (1) CIDD
Colour dilution alopecia (kaalheid met verkleuring) (2) CIDD
Peelman LJ, 2009
Degeneratieve myelopathie (aantasting ruggenmerg) (3) BroeckxBJG
LICG, 2016
Orthopedic Foundation for Animals, 2011, DM
Dystocia (moeilijke geboorte) (1) Evans KM et al., 2010
Elleboogdysplasie - grote hond (aandoening elleboog) (7) Baller L et al., 2012
Coopman F et al., 2014
GI
LICG, 2016
Orthopedic Foundation for Animals, 2014, ED
Professionals Fokkerij, 2011
SkogmoHK
Entropion (naar binnen krullende oogleden) (3) CIDD
GI
LICG, 2016
Epilepsie (5) CIDD
GI
IDID
LICG, 2016
MCD Amsterdam, 2015, Epilepsie
Familiaire nieraandoening (vroeg verslechterende nieren) (1) CIDD
Hernia nuclei pulposi (uitpuiling tussenwervelschijf) (1) GI
Heupdysplasie - grote hond (ontwikkelingsstoornis heup) (9) Boer
BP
CIDD
Coopman F et al., 2014
GI
IDID
LICG, 2016
Orthopedic Foundation for Animals, 2014, HD
Professionals Fokkerij, 2011
Histiocytair sarcoom (kanker van specifieke afweercellen) (8) Abadie J et al., 2009
CIDD
GI
LICG, 2016
Nielsen
Padgett G. A.
Peelman LJ, 2009
UU
Histiocytoom (goedaardige kanker op hoofd, oren en/of ledematen) (2) IDID
Nielsen
Maag-dilatatie-volvulus (maagdraaiing) (3) Bell JS, 2014
Evans KM et al., 2010
GI
Mastceltumor (kanker van specifieke afweercellen) (1) LICG, 2016
Patella luxatie (losse knieschijf) (1) Orthopedic Foundation for Animals, 2013, PL
Progressieve retina atrofie (PRA) (voortschrijdende verslechtering netvlies) (2) CIDD
LICG, 2016
Pyometra (baarmoederontsteking) (2) Jitpean S et al., 2012
LICG, 2016
Retinadysplasie (abnormale ontwikkeling netvlies) (2) Chaudieu
IDID
Shaker dog syndroom (trillende hond syndroom) (1) CIDD
Von Willebrands ziekte (bloedstollingsziekte) (1) Peelman LJ, 2009
Voorste-kruisbandlaesie ('voetbalknie') (2) LICG, 2016
Post CJ, 2005
Deel deze pagina

Oh nee, een pop-up!

Geloof ons, wij houden er ook niet van.
Maar als zelfstandige stichting zijn we volledig afhankelijk van particuliere donaties.

Miljoenen dieren hebben jouw hulp nodig.

Ja, ik help de dieren

Nee, bedankt (ik ben al donateur)